Landschapselementen (deel 6) door Jan van Eck POORTEN in de Erlecomsedam Poorten - in de volksmond bekend als bruggat - in de rivierdijk zijn tot in de jaren zestig van de vorige eeuw een bekend object. Een dijkdoorgang waardoor een directe verbinding ontstaat tussen steenfabriek en rivier. Via een smalspoor dat door de opening loopt worden de per schip aangevoerde kolen in 'kieplorries' naar de fabriek vervoerd, alwaar met behulp van een lier en de nodige handkracht de lorries naar de stookzolder worden getrokken. Zoals destijds bij Bouwkamp II in Erlecom. In omgekeerde richting worden de gebakken stenen met steenlorries vervoerd naar het voor de wal  liggende schip. De met een cirkel aangeduide poort is die van de NV Erlecom (zie tekening). Deze poort is aangelegd om in de uiterwaard grond te tichelen. Het smalspoor via het bruggat dwars door de Erlecomsedam is duidelijk zichtbaar. Evenals de tichelgaten in de uiterwaard. Zodra er  hoogwater dreigt wordt het bruggat aan beide zijden van de dijk met schotbalken - opgevuld met paardenmest - afgesloten. Kon dat allemaal zomaar? - zelfs al in de 18e eeuw - als de dijken nog lang niet op Deltahoogte zijn. Het Polderreglement van 1934 geeft antwoord. Hoewel art. 357 zegt dat het verboden is[…] in of op een waterkeering vergravingen te doen, gaten of kuilen te maken […], lezen we in lid 3 van datzelfde artikel: Van deze verbodsbepalingen kan ten aanzien van dijken en kwelkaden door Gedeputeerde Staten […] schriftelijk ontheffing worden verleend. Dat deze ontheffing in ruime mate is verleend getuigen de diverse poorten die op  kaartmateriaal zijn aangeduid. Blijkbaar telde het economisch belang hoger dan de veiligheid van de polderbewoners. Het ± 1940 aangelegde bruggat in de voormalige rivierdijk Spruitenkamp, vernoemd naar het aangrenzende perceel. Het bruggat diende om per smalspoor klei te vervoeren vanuit de Polder 'Circul van de Ooij' naar de steenfabriek 'de Ooij'.  (Kaartfragment Topografische kaart Kadaster 1955; foto: Monument & Landschap).